cdK Leen Verbeek beëdigd voor tweede termijn

cdK Leen Verbeek beëdigd voor tweede termijn.
Op 11 juni besloten de Staten de cdK Leen Verbeek voor te dragen tot herbenoeming. In een toespraak dankte de cdK de Staten voor het in hem gestelde vertrouwen. Donderdagochtend 26 juni werd Leen beëdigd door minister Plasterk van Binnenlandse Zaken.  

Toespraak van Leen Verbeek:

‘Leden van Provinciale Staten,

Allemaal hartelijk dank voor het in mij gestelde vertrouwen.

Ik ben bijna zes jaar Commissaris in Flevoland. Bijna, vijfenhalf jaar nu, ik werd in 2008 in november geïnstalleerd. Ik heb in die jaren de provincie Flevoland ervaren als een jonge provincie, op weg naar volwassenheid. Het werken aan onze provincie doen we met jeugdig elan, dat maakt het werken aan Flevoland aantrekkelijk.

Te werken aan de gebieden als de Noordoostpolder, Oostelijk Flevoland en Zuidelijk Flevoland. En ook met elkaar te ervaren dat we veel bereiken. Er was al veel bereikt toen ik uw commissaris werd, maar we hebben ook sinds die tijd met elkaar het nodige werk verricht. Dat is zichtbaar. Zichtbaar in onze economie, zichtbaar in het landschap, zichtbaar in de stedelijke ontwikkeling, zichtbaar in de sociale structuur. We zijn bezig een Flevolandse samenleving op te bouwen te ontwikkelen, een samenleving met kwaliteit.

Daar mogen we met zijn allen, ieder in zijn eigen bijdrage, trost op zijn. Ik ben er trots op dat ik in de afgelopen vijfenhalf jaar daaraan mijn bijdrage heb mogen geven.

Ik heb in de afgelopen jaren hard gewerkt om onderdeel te worden van die netwerken die er voor Flevoland toe doen. En daarbij was mijn opgave, u had mij dat gevraagd, om dat niet alleen in Flevoland te doen, maar vooral ook daarbuiten.

Als ik dan kijk wat de oogst is van netwerken in de afgelopen vijfeneenhalf jaar, dan constateer ik dat het lukt om in netwerken terecht te komen die er voor Flevoland toe doen. 

Ik maak regelmatig mee dat ik Flevolanse kwesties in een andere context op een andere manier in een andere situatie kan bespreken. Dat zijn netwerken zoals bijvoorbeeld Raad van Europa, die een enorm effect heeft op de contacten in diverse ministeries. Een netwerk als de Vereniging Deltametropool, waar heel veel invloed vanuit gaat op het inhoudelijke denken bij de tweede kamer en de ministeries, over hoe om te gaan met verstedelijking in ons land. De NDW, Nationale Data Wegverkeer, een landelijk sterk netwerk waarin gesproken wordt, nagedacht wordt over hoe het verder moet met mobiliteit in infrastructuur in ons land. Het Zuiderzeemuseum, wat mij in landelijke netwerken brengt waar vraagstukken over cultuur en culturele ontwikkeling besproken wordt. Een de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit, die rechtstreeks invloed heeft op de ontwikkeling van de omgevingswet die één dezer dagen naar de Kamer gaat. Waar ook de rol van de provincie in dit soort overheidsverantwoordelijkheden.

Allemaal plaatsen waar ik Flevolandse belangen kan behartigen en tegelijkertijd stel ik mijzelf en mijn kennis ten dienst van deze organisaties. Het is letterlijk een kwestie van geven en nemen.

Maar ook binnen Flevoland een paar voorbeelden waarbij ik de afgelopen jaren zelf heb ervaren bij te kunnen dragen of waar we als provincie aan hebben bijgedragen aan zaken die de provincie verder hebben gebracht.

Een recent voorbeeld is de steun aan de paardenkliniek uit Emmeloord voor hun activiteiten in China. De positie van dit bedrijf is in China enorm versterkt door hun deelname aan de reis met de provincie naar China en heeft ook geleid tot een nieuwe, intensieve samenwerking met de universiteit van Utrecht. Er wordt veel verwacht van de paardenhandel vanuit Flevoland richting China.

U kent de voorbeelden uit de luchtvaartindustrie en de composieten. Op deze onderwerpen hebben we als Flevoland een prestatie neergezet waar we trost op mogen zijn.

U kent de krachtige ontwikkeling in de teelt van bloembollen, de uien, de aardappel en tuinbouwgewassen, het fruit. We hebben een hele sterke agrarische sector die ook een sterke technische ontwikkeling meemaakt. Spraakmakende ontwikkelingen. De technische ontwikkeling in de agrarische sector, geomatica, gps spreek tot de verbeelding. Men weet doorgaans niet dat dat in Flevoland gebeurd 

We hebben de Hanzelijn de eerste rit zin maken. Er wordt gewerkt aan de verdubbeling van de A6. De quatro-modaliteit van Lelystad zit eraan te komen: water, spoor, lucht en weg! Een prestatie van formaat om als stad die combinatie van modaliteiten daadwerkelijk functionerend te krijgen. We zijn er nog niet helemaal, maar het hangt in de lucht. Dat heeft een enorme economische betekenis. De schaalsprong in Almere. De potentie van de Floriade. 

Een in algemene zin de ontwikkeling van de regionale economie. We hebben veel gedaan, maar er staat ook nog veel te gebeuren. Dat geldt ook voor onze cultuur. Er is veel gedaan, maar er is nog veel te doen.

Ik geloof dat we niet genoegzaam achterover moeten leunen. Er is nog heel veel ruimte voor verbetering, voor een nog hoger ambitieniveau en voor nog betere resultaten. Daarvoor is wel nodig dat we met elkaar een werkcultuur hebben om op al die terreinen die ik noemde risicovolle initiatieven te durven nemen. Initiatieven waar we met lef aan gaan staan, waarvan we kunnen zeggen: we zijn er trots op dat we het proberen, we weten niet zeker of het lukt, maar we steken onze nek uit en gaan ervoor. Dat type initiatieven heeft Flevoland nodig. 

We moeten verder met de succesvolle handelsmissies. Vrijwel alle bedrijven die daaraan hebben deelgenomen hebben ons spectaculaire omzetstijgingen meegedeeld na die reizen. Het gaat niet om hele grote groepen bedrijven, meestal bestaat een missie uit 6 tot 12 bedrijven, dat blijkt een goed formule.

We hebben initiatieven gezien bijvoorbeeld als het gaat om de discussie voor de special economic zones in Flevoland. Bijvoorbeeld, om ondanks de bezuinigingen, de instandhouding van onze culturele infrastructuur, voor een aantrekkelijk economisch vestigingsklimaat en een kwalitatief hoogwaardige omgeving. Bijvoorbeeld door de succesvolle oprichting van de culturele business club in Lelystad, een grote groep bedrijven doet daaraan mee en zijn een belangrijke drager geworden van de cultuur hier in Lelystad. Recent heb ik gesprekken gevoerd met directie en bestuur van het festival oude muziek uit Utrecht. We zijn in gesprek om te kijken of we de activiteiten Flevoland in kunnen trekken. We hebben in het college afgesproken om u bij de Zomernota voorstellen te doen om dat mogelijk te maken.

Onze toekomst moge onzeker zijn, maar ik ben er van overtuigd dat Flevoland nog wel even blijft bestaan.

Ik ben gemotiveerd om aan onze toekomst te werken. Met u samen de ontwikkeling van Flevoland ter hand te nemen. Daarbij mag u van mij verwachten dat ik me inzet zoals u dat van mij gewend bent. Misschien met een tikje overmoedigheid. Misschien soms op of over een randje om de scherpte te zoeken. Misschien nog wat duidelijker in de leiding van de Provinciale Staten, waar u mij om verzocht. Misschien nog wat aanspreekbaarder en zichtbaarder. Ik weet mij omringt door een goede ambtelijke organisatie en betrokken politiek bestuurders en Statenleden.

Samen gaat dit lukken. En samen zullen we straks kunnen zeggen: misschien was niet alles goud wat er blinkt, maar we hebben het goed gedaan.

Dank voor uw aandacht!’